|
|
CATALOGI en BOEKEN NEDERLAND PROVINCIAALProvinciale muntenJarenlang moest de verzamelaar van
provinciale
munten het doen zonder een goede catalogus. De "Zonnebloem-boekjes"
uit de 2e helft van de jaren zeventig waren in de tachtiger jaren dan
nog wel
een keer herdrukt, maar deze waren zo slecht, dat een verzamelaar hier
weinig
aan had. Op sommige deelterreinen, zoals het kopergeld en de Florijnen
verschenen wel goede standaardwerken, maar prijsaanduidingen ontbraken.
De enige
die nog een beetje dit gat opvulde, was de dikke wereldcatalogus van
Krause-Mishler, maar ook hierin zaten de nodige fouten en
omissies. *
Bij uitgeverij Omni Trading (uitgever van De Muntkoerier) verscheen in
februari
2006 de Deze
catalogus is uitgevoerd als een soort dun telefoonboek, maar met een
betere
kwaliteit papier. Qua
opmaak, formaat en indeling is deze catalogus duidelijk geïnspireerd op
de
World Coins catalogi van Krause-Mishler. De provincies, steden en
heerlijkheden
worden alfabetisch behandeld met steeds een afbeelding, korte
beschrijving
en opsomming van de geslagen jaartallen. Passon heeft een nieuwe
nummering
ingevoerd om alle munten in onder te brengen. Deze nummering bestaat
uit het
cijfer 2 (voor alle provinciale munten?), 2 cijfers voor de stad of
provincie en
dan nogmaals twee cijfers voor het munttype. Het
grootste deel van de munttypen is afgebeeld, al zijn de foto's niet
altijd even
goed van kwaliteit. Bij een deel van de munttypen is de getekende
afbeelding uit
het oude standaardwerk van Verkade opgenomen.
MUNTALMANAK
BEHORENDE BIJ HET HANDBOEK VAN DE NEDERLANDSE PROVINCIALE MUNTSLAG 1573
- 1806,
DEEL I: HOLLAND, WEST-FRIESLAND, ZEELAND, UTRECHT. Het handboek is een zwaar en groot
uitgevoerd
boekwerk met een harde kaft in een erg sobere uitvoering. Het
hoogwaardige
papier waarop het is gedrukt, zorgt ervoor dat de afbeeldingen niet
doorschijnen
op de keerzijde. Het is de bedoeling dat de komende jaren nog twee
delen gaan
verschijnen, steeds voorzien van een bijbehorende almanak met prijzen.
In de
toekomst kan de almanak met enige regelmaat worden herdrukt voorzien
van
aanpassingen en nieuwe prijzen, het handboek zelf is duidelijk bedoeld
om lange
tijd mee te gaan. Na deze uitgebreide inleiding van ca. 30 pagina's, begint de eigenlijke catalogus. De munten worden per provincie beschreven waarbij per boek is gekozen voor een aantal provincies die geografisch aan elkaar verwant zijn: Deel 1 met Holland, Zeeland, West Friesland en Utrecht; Deel 2 met Groningen, Friesland, Overijssel en Gelderland; en deel 3 met Noord-Brabant en Limburg. In dit eerste deel wordt gestart met de grootste en belangrijkste provincie, Holland. Elk munttype wordt uitvoerig beschreven en is vrijwel altijd voorzien van een hoogwaardige foto. De jaartallen waarin de betreffende munt geslagen is worden genoemd en de nummering die de betreffende munt bij eerdere standaardwerken heeft verkregen. Ook hier is een eigen nieuwe nummering ingevoerd, steeds beginnend met de eerste twee letters van de plaats of provincienaam, gevolgd door een cijfer. Van de bijzondere afslagen wordt het jaartal vermeld. De
bijbehorende almanak is sterk afwijkend uitgevoerd met een mooi
geïllustreerde buitenzijde en een klein handzaam formaat. Hij doet
sterk denken aan de almanak
die de Vereniging voor Munthandelaren uitgeeft over de
koninkrijksmunten. De
almanak begint met een aantal pagina met uitleg over de beoordeling van
de
kwaliteit van munten en bijzondere imperfecties die op munten voorkomen
en
effect hebben op de waarde zoals dubbelslagen en snoeien. Hierna volgen
de
pagina's waarin de munten uit het handboek terugkomen, maar nu alleen
met hun
nummer, naam en afbeelding, gevolgt door een lijst met jaartallen
waarin ze
verschenen zijn en de waarde in drie kwaliteiten, Fraai, Zeer Fraai en
Prachtig. In het kader van deze beschrijving
is niet
gemakkelijk te bepalen welk van beide catalogi nu beter of completer
is. Elk
heeft zijn eigen voor- en nadelen en binnen enkele jaren zal blijken of
beide
catalogi naast elkaar kunnen blijven bestaan. In welke mate beide
werken nog
missers bevatten en in hoeverre de genoemde prijzen realistisch zijn,
valt ook
pas in het gebruik te ontdekken. Het Handboek onderscheidt zich
nadrukkelijk door
de degelijke uitvoering en de uitgebreide informatie die geboden wordt.
De lezer
wordt goed in het onderwerp geïntroduceerd aan de hand van de
uitvoerige
inleiding en kan daarna veel informatie vinden in de beschrijving van
de munten.
Dit is ook de grote meerwaarde van dit boek ten opzichte van de Almanak
en het
boek van Passon. De wijze waarop de jaartallen zijn vermeld, geeft aan
dat dit
echt een boek is om typen van munten in op te zoeken, voor het snel
opzoeken van
jaartallen is de almanak weer geschikter. De afbeeldingen zijn
hoogwaardig van
kwaliteit, net als de hele uitvoering van het boek. Nadeel is uiteraard
dat dit
eerste deel pas 4 provincies bevat en er dus nog twee delen moeten
volgen. Wil
men ook de prijzen van de munten weten, dan dient steeds de Almanak
erbij
gekocht te worden. Daarmee wordt de hele serie behoorlijk prijzig, maar
voor de
fanatieker verzamelaar is dit handboek zeker een must.
Oudere handboeken betreffende de provinciale munten zijn er verschillende. Als overdruk is het boek van Verkade redelijk goed te verkrijgen. Het boek zelf stamt uit 1848 maar geeft nog altijd een redelijk compleet beeld van de provinciale munten. De nummering van Verkade wordt nog breed gebruikt. Voor het kopergeld is enkele jaren geleden een handboek verschenen met de titel Handboek Nederlands Kopergeld (1523 - 1797) waarin de schrijvers Purmer en Van der Wiel alle bekende koperen munten van gewesten en steden hebben beschreven, inclusief een indicatie van hun zeldzaamheid. Het boek is bij de gespecialiseerde munthandel verkrijgbaar of bij de firma Mevius Numisbooks te Vriezenveen. Zie bijvoorbeeld:www.mevius.nl of http://www.vanderdussen.com Heel aardig zijn ook enkele boeken van dhr. Pannekeet. Hij heeft zich ook op het kopergeld geconcentreerd maar gaat daarbij met name in op informatie betreffende achtergrond en context van deze munten: de stad of het gewest en de betreffende muntmeesters. Zie voor verder info zijn homepage: Pannekeet-kopergeld Verder zijn er ook nog De Zilveren Benelux en De Gouden Benelux door Delmonte, die de zilveren respectievelijk de gouden munten van de noordelijke en de zuidelijke Nederlanden beschrijven. Een boek dat zeer aan te raden is voor zowel de koninkrijksverzamelaar als voor de provinciaalverzamelaar is De Nederlandse Munten geschreven door de grootste numismatische autoriteit die we in Nederland gekend hebben, professor Enno van Gelder. Op beknopte wijze schetst hij in dit boek de geschiedenis van het Nederlandse Muntwezen, vanaf de eerste Friese en Merovingische munten tot de munten die wij op dit moment kennen.In vele herdrukken is dit boekje verschenen als Aula-pocket, maar in 2002 is een herziene druk op groot formaat en uitgebreid met recente informatie verschenen. Dit boek is o.a. bij het Nederlands Muntmuseum en bij verschillende munthandelaren verkrijgbaar voor € 20,- . Catalogi voor de munten uit de periode 500 tot 1600 Boeken en catalogi betreffende munten vanaf de Romeinse tijd tot aan de republiek zijn aanmerkelijk moeilijker te vinden. De meeste beschikbare handboeken en catalogi bevatten echter geen prijzen, zodat u op basis van veilingcatalogi, ervaring en uw eigen gevoel zult moeten inschatten of een prijs redelijk is of niet. Een deel van de handboeken is letterlijk klassiek: sommigen zijn al meer dan honderd jaar geleden geschreven en nog altijd niet opgevolgd of overtroffen. Uiteraard zijn dergelijke oude boeken niet altijd eenvoudig te vinden, al zijn er wel vaker modernere overdrukken of kopieën op de markt. Een voorbeeld van een heruitgave is betreft de boeken van Van der Chijs: Heruitgave Van der Chijs De numismaat Van der Chijs schreef
in het midden van de 19e eeuw het eerste echte standaardwerk over de
Nederlandse munten uit de Middeleeuwen. Het boek behandelt alle op dat
moment bekende munten tot 1576. Nog altijd is "Van der Chijs", zoals de
serie wordt genoemd, niet achterhaald. Het is nog steeds het meest
geciteerde standaardwerk over deze periode. Een ander boek betreffende de middeleeuwen betreft een speciaal jaarboek van het Genootschap van enkele jaren geleden. Jaarboek 83/84 bevat een catalogus van de vroeg middeleeuwse munten uit het grootste deel van het huidige Nederland geslagen in de periode 980 tot 1180. Zie verder bij de jaarboeken van Het Genootschap. Een boekje dat kan helpen bij het lezen van de opschriften van middeleeuwse munten is het Engelstalige werkje Reading Medieval European Coins: Verder is er ook een vrij recente catalogus die alle munten beschrijft uit de late middeleeeuwen die voorzien zijn van een datering. Een deel van deze munten is afkomstig uit het huidige Nederland. Hoewel het een beetje vreemde dwarsdoorsnede vormt van de muntslag uit de periode 1350-1550, kan het hier en daar wel wat toevoegen. * Encyclopedie van munten, penningen en bankbiljetten.De encyclopedie is een groot opgezet project dat inmiddels bijna is afgerond. Een groep numismaten heeft jarenlang gewerkt aan deze Nederlandse numismatische encyclopedie waarin duizenden trefwoorden veelal uitgebreid worden uitgewerkt. De besproken trefwoorden beperken zich overigens niet tot Nederland, de hele numismatiek wordt bestreken. Uiteraard wordt er wel extra aandacht besteed aan het Nederlandse deel. De encyclopedie is een behoorlijk kostbaar boek geworden, waarbij abonnees jarenlang losse afleveringen kregen thuis gezonden die in enkele speciale ringbanden worden opgeborgen. Bij uitgeverij Bohn Stafleu Van Loghum kan ook een complete versie worden besteld. Encyclopedie van Munten en
Bankbiljetten Deze encyclopedie is bij diverse openbare bibliotheken aanwezig. Zoals gezegd behandelt de encyclopedie een breed gebied waaronder de koninkrijksmunten. Andere verzamelterreinen zijn b.v. de klassieke munten (Grieken en Romeinen), middeleeuwse munten en de provinciale munten uit de periode ca. 1550 tot 1795.
|